Zoek je iets op deze site? >
De troonrede
De troonrede heet zo omdat de koningin op een troon zit als zij deze voorleest. In de troonrede staat hoe het met Nederland gaat en wat de belangrijkste plannen van de regering zijn voor het komende jaar. Zo staat er bijvoorbeeld in hoe hoog de uitkeringen en de studiebeurzen zijn en wat er gedaan moet worden om de files korter te maken.
Iedere minister schrijft een stukje. De minister-president controleert aan het eind alle teksten en maakt er één verhaal van. De troonrede is eigenlijk maar een kort overzicht van alle plannen. Het totale overzicht van wat de regering allemaal van plan is staat in de rijksbegroting.
De koningin begint de troonrede altijd met de woorden: “Leden van de Staten-Generaal”. Ze praat immers tegen de leden van de Eerste en Tweede Kamer die samen ook wel de Staten-Generaal worden genoemd. Normaal gesproken vergaderen de Eerste en Tweede Kamer in een eigen vergaderzaal. Op prinsjesdag komen ze bij elkaar in een verenigde vergadering. Als de koningin de troonrede helemaal heeft voorgelezen roept de Voorzitter van de Eerste Kamer heel hard “Leve de koningin!”. Daarna gaat de koningin met haar familie terug naar paleis